
Zorg
Vandaag, 19:42 - Update: 2 uur geleden
Vandaag werd bekend dat voor het eerst in de geschiedenis de Nederlandse Staat wordt aangeklaagd voor de lange wachttijden in de geestelijke gezondheidszorg. Stichting Recht op GGZ vindt dat de overheid moet ingrijpen en probeert dat nu bij de rechter af te dwingen. We bespreken de zaak met jurist Bram Moszkowicz en voormalig zorgminister Fleur Agema.
Achter die juridische stap schuilen schrijnende verhalen. Patiënten wachten niet weken maar maanden, soms zelfs langer dan een jaar, op hulp, terwijl de norm op veertien weken ligt. In die tussentijd verslechtert hun situatie zichtbaar. Er wordt gesproken over mensen die van instantie naar instantie worden gestuurd, geen passende zorg krijgen en uiteindelijk volledig vastlopen. Volgens betrokkenen leidt dat in het ergste geval tot suïcide, simpelweg omdat hulp te lang uitblijft.
Fleur Agema, Voormalig zorgminister
De kern van de zaak is de vraag wat een rechter daadwerkelijk kan afdwingen. Volgens Moszkowicz kan een rechter vaststellen dat de Staat tekortschiet in zijn zorgplicht en daarmee onrechtmatig handelt. Maar daarmee is het probleem niet opgelost. Want wie wordt er dan geholpen, en wie niet? Dat blijft volgens hem een politieke keuze. Tegelijkertijd wijzen betrokkenen op structurele oorzaken, zoals eerdere bezuinigingen, een tekort aan behandelaren en een systeem waarin de kosten zichtbaar zijn, maar de maatschappelijke opbrengsten van zorg nauwelijks worden meegewogen.